logo

Gemeenten over de grens

Ideeën voor grensoverschrijdende gemeentelijke samenwerking. Verslag van een bijeenkomst op 12 oktober 2017 in Centre Céramique, Maastricht

Gemeentelijke samenwerking met de buitenlandse buren

De grensregio's tussen de Europese landen zijn essentieel voor de versterking van een Europa dat zich momenteel bevindt in een ongewisse wereld, zo stelde Fernand Jadoul, voorzitter van de burgerinitiatiefgroep Waar een wil is, is geen grens in zijn openingswoord:


"Gelet op o.a. de voorgenomen Brexit, de rol van Trump op het wereldtoneel, alle problemen aan de grenzen van Europa (Syrië en Irak), de dreiging van de zijde van een (te) assertief Rusland, Turkije waar systematisch de democratie wordt gezuiverd van oppositionele geluiden, en het economische zwaartepunt dat steeds meer naar Azië

verschuift, is een sterk verbonden en verenigd Europa meer dan ooit noodzakelijk.


Fernand Jadoul, vz. burgerinitiatiefgr. Sowieso is de betekenis van Europa al tanende, want vormden we in 1900 nog 20% van de wereldbevolking, begin 2000 bedroeg dat nog maar zo'n 11% en in het jaar 2050 zal dat 7% en in 2100 zal dat percentage nog maar 4% zijn.


Naar mijn overtuiging zal een verdieping en versterking van Europa vooral en met het meeste effect vanuit de euregio's moeten gebeuren, want daar kent men elkaars geschiedenis, gebruiken en gewoontes. En in het bijzonder geldt dat voor gemeenten langs de landsgrenzen. Daarvandaan vandaag deze bijeenkomst."


----

Succesvol praktijkvoorbeeld: "Grenzhoppers"


Op uitnodiging van het burgerinitiatief Waar een wil is, is geen grens werd door Petra Taubach (Stadt Bocholt), Jule Wanders (Stadt Bocholt), Nicky Eppich (Winterswijk, Oost Gelre) en Tom Lamers (Aalten) als vertegenwoordigers van de "Grenzhoppers" een presentatie "ideeën voor grensoverschrijdende samenwerking" gegeven voor (kandidaats-) raadsleden en bestuurders in het licht van de naderende gemeenteraadsverkiezingen in 2018.


Het grensoverschrijdende netwerk ‘Grenzhoppers’ dat in 2016 in samenwerking tussen de gemeenten Aalten, Oost Gelre, Winterswijk en de Stadt Bocholt is opgezet geeft op een praktische manier invulling aan grensoverschrijdende samenwerking. Nederlandse en Duitse vertegenwoordigers uit de grensregio Achterhoek-Kreis Borken werken intensief samen op het gebied van toerisme, economie, onderwijs, cultuur en sport.


Het netwerk dat in 2016 nog bestond uit 16 ambtenaren van 11 gemeenten is inmiddels gegroeid tot 180 deelnemers uit 16 gemeenten die niet alleen gemeenten maar ook ondernemersverenigingen en sociaal-culturele instellingen vertegenwoordigen. De verhouding tussen aantallen deelnemers uit Duitsland en Nederland is goed te noemen.

Talen en tempo's

Om een dergelijk initiatief succesvol te kunnen laten zijn is het nodig dat er een duidelijke structuur is, dat er vaste en zichtbare contactpersonen zijn binnen de deelnemende organisaties, dat er afspraken gemaakt worden over deling van kennis, werk en kosten. Een pragmatische aanpak blijkt het best te werken.


Tom Lamers presenteert project Gevoeld wordt de behoefte aan een bestuurlijke laag welke op hoger niveau meedenkt en strategische richting aangeeft. De Achterhoek kent een dergelijk bestuur maar dit wordt door "Grenzhoppers" als te eenzijdig ervaren en zou gecomplementeerd moeten worden met Duitse collega-bestuurders.


Uitdagingen om succesvol te blijven, zijn er voldoende. Het vinden van budget voor projecten; het omgaan met verschillende werktempo's; het beschikbaar hebben of krijgen van tweetalige medewerkers; concepten die vaak eindigen aan de grens, het is zaak om niet met de rug naar de grens te blijven staan maar om over de grens te kijken; zorgen voor een verdere politieke verankering.


Recentelijk werden georganiseerd: kunstproject Septemberkunst, het 3D-Xperience Center en een grensoverschrijdend meisjesvoetbaltoernooi.

Prijs voor Europees engagement

Voor het grensoverschrijdend initiatief "Grenzhoppers" ontving dit project een speciale onderscheiding van Nordrhein-Westfalen voor de versterking van de samenwerking tussen gemeenten, bedrijven en sociaal-culturele organisaties in de grensregio Achterhoek-Kreis Borken. Het nieuws van de onderscheiding kwam de vertegenwoordigers van de "Grenzhoppers" ter ore toen zij net naar Maastricht onderweg waren.


----

Suggesties samengevat


De plenaire discussie, onder leiding van dagvoorzitter Jacques Costongs, naar aanleiding van de inspirerende presentatie door het Grenzhoppers-team leverde de volgende suggesties op voor de ontwikkeling van een soortgelijk concept in de euregio Maas-Rijn:


* Eerst en vooral : de luiken open zetten


* MHAL: te beperkt, te weinig


* Ambtenaren "hun gang laten gaan", weliswaar gedekt door bestuurders


* Europahuis op Vrijthof


* Alert zijn op wat in Den Haag gebeurt of besloten wordt



De burgemeester vertelt


In de gemeente heeft de burgemeester een centrale rol bij het aanjagen, bevorderen en continueren van contacten met buurgemeenten aan de andere kant van de grens. Drie ambtsdragers deelden hun ervaringen met de aanwezigen.

Lontzen

Alfred Lecerf is burgemeester van Lontzen (B).


Lecerf is content dat de regio rondom zijn gemeente niet langer 'de Duitstalige gemeenschap van België' heet, want Duitstalige gemeenschappen zijn er in vele landen, maar zich nu presenteert als 'Oost-België' - en daar is er maar één van.


De grensoverschrijdende activiteiten van Lontzen zijn trinationaal opgebouwd; naast Oost-België en Limburg doet ook Aken mee, onder de paraplu van Aachen Charlemagne. De werkgebieden zijn mobiliteit, onderwijs, toerisme en economie.


Een van de langlopende actiepunten is de verbetering van de mobiliteit in de regio, o.a. door in de periode tot 2025 over te stappen op elektrische bussen. Parkstad Limburg en Aachen zijn het daar al vergaand over eens, maar de provincie Luik wil helaas eerst een onderzoek doen naar de invoering van hybride bussen voordat er over electrisch vervoer gepraat kan worden.


Ook de realisering van de Avantislijn blijft een prioriteit, evenals het invoeren van openbaar-vervoertickets die over de grenzen heen geldig zijn, zodat bijvoorbeeld voor een reis Maastricht - Aken - Luik niet langer allerlei verschillende kaartjes nodig zijn.


Onderwijs is een tweede aandachtspunt. Lontzen streeft ernaar om volledig tweetalig te zijn (Duits en Frans). Dat kan onder meer bereikt worden door bijvoorbeeld van huis uit Duitstalige peuters naar de Franstalige kinderopvang te brengen, en die combinatie gedurende het hele onderwijstraject vol te houden.


Met het Business-cluster van de RWTH Aachen bestaat een goede samenwerking. Voor jonge start-up-ondernemingen die voortkomen uit studentenprojecten is bedrijfsruimte beschikbaar gesteld in Lontzen.


Op toeristisch gebied werkt Oost-België met verscheidene gemeenten aan een wandel-knooppuntensysteem; het streven is om Zuid-Limburg en Aachen daar ook bij te betrekken. Hetzelfde geldt voor het bekende Belgische fietsroutenetwerk.


Een ver toekomstperspectief is de ambitie van Luik om Europese Culturele Hoofdstad te worden in 2040; het zou mooi zijn als veel meer mensen tegen die tijd drietalig zijn, en Oost-België zou daarbij kunnen helpen door nu al te beginnen met meertalig onderwijs.


Vraag (JC): wat ontbreekt er nu bij Nederlandse gemeentebestuurders? Welk advies zou je hun willen geven?


Antwoord (Lecerf): De burgemeesters kunnen hun stimulerende rol pas goed vervullen als zij persoonlijke contacten opbouwen met ambtgenoten over de grens. Zoals ik vandaag weer gedaan heb met de burgemeester van Eijsden-Margraten.

Kinrooi

Hubert Van Eygen is beleidsmedewerker, en treedt op als plaatsvervanger van burgemeester Brouns van Kinrooi (B).


Van Eygen schetst hoe belangrijk de grensoverschrijdende contacten zijn voor de inwoners van Kinrooi. Ongeveer eenderde van de twaalfduizend inwoners werkt aan de andere kant van de grens. De grensgerelateerde aandachtspunten van de gemeente zijn dan ook fiscaliteit, arbeid, sociale zekerheid en pensioenen.


Er is veel ervaring opgebouwd met het op elkaar laten aansluiten van de ongelijke belastingregels, pensioensystemen en sociale voorzieningen van België en Nederland. Een goede dienstverlening van de gemeente op deze terreinen zou eigenlijk in ieder verkiezingsprogramma moeten staan.


Grensgemeenten staan in zekere zin meer alleen dan plaatsen die ergens middenin het land liggen; die hebben altijd een 'hinterland' om zich heen waar ze op kunnen steunen, terwijl grensplaatsen feitelijk maar een half hinterland hebben; de grens scheidt hen van de andere helft.


In de oorlogssituatie van honderd jaar geleden werd de Belgisch-Nederlandse grens plotseling een oorlogsfront dat ondoordringbaar gemaakt moest worden door de beruchte 'dodendraad', een ijzeren draadhek waar een fatale spanning op stond. Ter nagedachtenis van de slachtoffers heeft Kinrooi onlangs samen met de Nederlandse buren (Leudal) een deel van het dodelijke hek gereconstrueerd.


Kinrooi is partner in het Rivierpark Maasvallei, en werkt op het terrein van erfgoed en cultuur samen met Nederlandse gemeenten als Weert, Leudal en Maasgouw; ondanks de korte afstand is daar nog geen Duitse gemeente bij betrokken. De plaatselijke douanekantoren, die leegstonden sinds het Schengenverdrag, worden herbestemd tot toeristische informatiepunten voor het grensgebied.


Aandachtspunt voor de lange termijn is onder meer het verschil tussen de Belgische en Nederlandse sociale stelsels waar gepensioneerde grenswerkers mee te maken krijgen: na hun werk in Nederland gaan ze 'stempelen' in België, maar dat eindigt met 65 jaar; hun Nederlandse pensioen gaat dan pas in op hun 67ste, en dat kan niet iedereen overbruggen.

Verder hangt Kinrooi altijd de dreiging van gemeentelijke fusies boven het hoofd; zowel Maaseik als Bree zouden Kinrooi kunnen inlijven.




Eijsden-Margraten

Dieudonné Akkermans is burgemeester van Eijsden-Margraten (NL)


Akkermans is zeer geïnspireerd door het Grenzhoppers-project. Het toont volgens hem aan dat de keus om over de grens samen te werken moet komen uit de harten van de mensen, en niet alleen uit politieke en bestuurlijke besluiten. Burgerinitiatieven zijn daarbij onmisbaar, en geven duidelijke doelen aan.


In een alomvattende verwijzing naar eerdere sprekers stelt Akkermans badinerend dat hij van deze bijeenkomst heeft geleerd dat hij na zijn ambtstermijn gemeenteraadskandidaat moet worden in een buurland om de tijd tot zijn Nederlandse pensioen te overbruggen, een brievenbus in Duitsland moet hebben, ambtenaren de ruimte moet geven voor grensoverschrijdende initiatieven, en geen oude schoenen moet aantrekken om vroegere samenwerkingsverbanden nog eens over te doen... maar wel zelf op pad moet gaan. Met andere woorden: gooi de luiken open, want het buitenland komt niet vanzelf naar je toe.


Burgemeesters kunnen de revitalisering van grensoverschrijdende verbanden niet in hun eentje dragen, maar het zou wel helpen als bijvoorbeeld burgemeester Penn-te Strake van Maastricht eens wat vaker naar Düsseldorf reed. De keuze om Europeaan te zijn wordt echter vooral gemaakt door de raadsleden. Het advies dat zij krijgen van Akkermans: vraag je af wat je concreet 'over de grens' gaat doen, en houd dat thema je hele zittingstermijn van vier jaar lang vast.


De provinciale doelstelling 'Limburg groter maken' krijgt soms spectaculair veel aandacht - bijvoorbeeld toen het zware middel van een verdrag werd ingezet om de landsgrens tussen Eijsden en Lanaken recht te trekken - maar meestal bestaat het grensoverschrijdende contact uit kleine stapjes, die worden gezet door kleine kernen (zoals Kinrooi).


Tot slot vertelt Akkermans over een project [Dear Hunters] waarbij twee relatieve buitenstaanders werden uitgenodigd om drie maanden neer te strijken in Noorbeek. Het tweetal inventariseerde de leefpatronen van de mensen daar in de omgeving door gesprekken en onderzoeken, wat leidde tot een verslag van hun bevindingen. Een exemplaar daarvan wordt aangeboden aan Fernand Jadoul, voorzitter van de burgerinitiatiefgroep Waar een wil is, is geen grens.


Na afloop

De deelnemers aan de bijeenkomst maakten na de afsluiting nog ruimschoots gebruik van de gastvrijheid die werd geboden in Centre Céramique om na te praten, contacten te leggen en vragen te beantwoorden.


-.-



Verslag: Fernand Jadoul, Hein Wellen, Jacques Jansen, Rob Kievit - 8 november 2017

Achtergrondfoto: Presentatie Grenzhoppers-project (foto: Grenzhoppers.nl)